|
|
樓主 |
發表於 2006-10-5 06:28:35
|
顯示全部樓層
Wie populair is, heeft de macht
Door CHRISTIAAN RUESINK
ROTTERDAM - Toen Clarence Seedorf kritiek uitte op bondscoach Marco van Basten, omdat...
Tijdens de achtste finale van het WK in Duitsland hield Marco van Basten Ruud van Nistelrooy aan de kant. Oranje verloor van Portugal en de kritiek op de bondscoach zwol aan. FOTO MILAN RINCK
... die hem niet selecteerde, was er niemand die zich wat van de woorden van de middenvelder aantrok. Van Basten niet. De spelers niet. En zeker het Nederlandse volk niet.
Toen Edgar Davids na zijn afwijzing in Oranje een open brief stuurde naar de website van Voetbal International waarin hij zijn ongenoegen bekendmaakte over Van Basten, de trainer die hem nota bene aanvoerder van het Nederlands elftal had gemaakt, volgde er geen nationale discussie.
Maar nu Ruud van Nistelrooy in veel minder harde bewoordingen dan Seedorf en Davids de bondscoach heeft aangepakt en vervolgens, met Mark van Bommel, heeft bedankt voor Oranje, is er van alles aan de hand. Uit een enquête van Maurice de Hond blijkt dat circa 75 procent van de ondervraagden het eens is met de internationals. De irritatie over Van Basten is zienderogen toegenomen. Waarom nu wel en toen niet? Waarom bij Van Nistelrooy en Van Bommel wel en bij Seedorf en Davids niet?
Dat heeft alles te maken met de populariteit van met name Van Nistelrooy.
De spits is zoals we allemaal zouden willen zijn. Met hem kunnen we ons identificeren. Hij verdient veel geld, maar is toch een gewone jongen gebleven. De hele wereld trekt aan hem, maar voor Nederlandse verslaggevers heeft hij altijd tijd. Als er fans op hem afkomen, gaat hij met ze op de foto. Van Nistelrooy is vriendelijk, beleefd, komt goed uit zijn woorden en zou een van je vrienden kunnen zijn.
Hij groeide, net als veel Nederlanders op in een dorpje, in een warm gezin waarin Ruud niet anders werd behandeld dan zijn broer. Dat hij goed kon voetballen, maakte hem niet speciaal. Hij ontwikkelde zich gestaag van een aanvallende middenvelder bij FC Den Bosch tot een talentvolle spits bij Heerenveen, waarna hij de overstap maakte naar topclub PSV en uiteindelijk voor een recordbedrag verkaste naar Manchester United. Niemand misgunde hem dat. Zoals ook de transfer naar zijn huidige club Real Madrid een jongensdroom is die we allemaal zouden willen beleven.
Via beelden van Studio Sport zag Nederland hoe hij op 28 april 2000 tijdens de training zijn kniebanden scheurde. Zijn schreeuw ging door merg en been. Het was emo-tv in optima forma. Alsof we zélf de pijn voelden. Niet alleen bij Van Nistelrooy liepen de tranen over de wangen. Weg droomtransfer naar Manchester United, weg EK in Nederland; niemand gunde die jongen dat leed. En wat een bewondering toen we zagen dat hij terugvocht als een bezetene en alsnog werd beloond met een toptransfer. Zelfs een EK zou hij nog spelen. Het maakte hem mateloos populair.
Bovendien scoorde hij vaak op belangrijke momenten. Op het EK in Portugal, maar ook in aanloop naar het WK in Duitsland. Dat Van Basten zijn onvoorwaardelijke vertrouwen in hem uitsprak, was in die zin logisch. Natuurlijk waren er altijd discussies over zijn voetbalcapaciteiten, maar dat hij een van de fijnste jongens van Oranje was, stond vast.
Dat hij af en toe driftig kon reageren als hij werd gewisseld, ach dat begreep iedereen. Toen hij een fles water wegtrapte en Dick Advocaat woest aankeek, voelde je met hem mee.
Er waren ook meteen excuses. Dat gebeurde in het heetst van de strijd. Natuurlijk, dat begrepen we. Dat hij een conflict kreeg met Manchester United-baas Alex Ferguson en wegmoest, was de schuld van de manager. Daar twijfelde in Nederland niemand aan.
En dat hij Van Basten tijdens het WK voor de hele groep aanpakte, was volstrekt logisch gezien de ongelukkige uitlatingen van de bondscoach tijdens de persconferentie. Daarin had hij zich laten ontglippen dat Van Nistelrooy niet zou spelen, zonder het eerst tegen de speler te hebben gezegd.
Lang was Van Basten onschendbaar, maar toen Van Nistelrooy het slachtoffer werd, verdween dat aureool. Toen daarna ook nog werd verloren van Portugal en Van Nistelrooy niet eens mocht invallen, zwol de kritiek aan.
Na de EK-kwalificatiewedstrijd tegen Luxemburg, toen Van Nistelrooys opvolger Klaas Jan Huntelaar niet kon scoren, nam de spanning verder toe. Maar pas na de uitlatingen van Van Nistelrooy in het blad Sportweek en diens daarop volgende bedankje, is de irritatie enorm toegenomen.
Wie het zwart-wit ziet, herkent de strijd tussen de warme, aanraakbare Van Nistelrooy, met wie we ons kunnen identificeren, en de kille, onbereikbare Van Basten, die we niet begrijpen.
Ineens verschijnt daar weer het beeld van de speler van weleer die uitgroeide tot een van de beste voetballers ter wereld, maar er nooit in slaagde de harten van de mensen te veroveren. Hij bleef steken bij het hoofd. Van Basten kon je mateloos bewonderen, maar een mens van vlees en bloed? Eerder een heilige of een engel.
Van Basten leek pas een mens toen hij in augustus 2004 bondscoach werd. Toen hij in zijn eerste maanden tot het volk sprak, was dat hartverwarmend. Hij deed persconferenties met een lach op z’n gezicht, maakte gewiekste opmerkingen als het nodig was en kreeg de lachers op z’n hand met subtiele grapjes. Over zijn selectiebeleid deed men af en toe wat lacherig, maar het was in elk geval verfrissend. Hij koos veelal spelers uit de eredivisie en had afscheid genomen van impopulaire spelers als Seedorf en Kluivert.
Van Basten was met zijn onafhankelijke geest een verademing. Rond het Nederlands elftal hing na de periode met de achterdochtige Dick Advocaat weer een frisse wind. In niets deed Van Basten meer denken aan die geniale, maar nurkse spits van weleer. Het leek alsof hij was veranderd. Maar is dat ook zo?
Wie met name de manier van communiceren met zijn spelers analyseert, herkent de vedette van vroeger die als jongetje opgroeide in een gemankeerd gezin waarin vader Joop z’n leven in dienst stelde van zijn talentvolle jongste zoon. Dat de oudere zus en broer daarbij volledig werden genegeerd, zegt veel over de opvoeding die Van Basten genoot.
Een puur op zichzelf gerichte puber die in een schriftje schreef: ik ben de beste, op mezelf na. Die zich bij Ajax ontwikkelde als een van de grootste talenten van Nederland en al op jonge leeftijd onder de vleugels kwam van Johan Cruijff.
Die leerde hem al vroeg zich nooit kwetsbaar op te stellen, omdat je dan sneller gekwetst zou raken. Van Basten was hard, onbeschoft tegen minder getalenteerde collega’s en soms ronduit asociaal tegenover journalisten die hij rustig uren liet wachten. Hoe goed hij ook was; sympathiek werd hij zelden gevonden. Dat interesseerde hem trouwens ook niet.
Het contrast met Van Nistelrooy is enorm. Toch hebben ze één ding gemeen: hun positie als topspits te gebruiken als machtsmiddel. Van Basten deed het in z’n carrière op gezette tijden. Hij kreeg Arrigo Sacchi zo ver dat hij Frank Rijkaard bij Milan naar het middenveld haalde om Van Basten beter te voeden. En hij zorgde er voor dat Oranje in de herfst van 1990 het systeem ging spelen dat hij wilde.
Hij kon dat afdwingen.
Van Nistelrooy niet.
Van Basten kende de truc al. |
|